Beste Digibeet,

Na de 17e was het niet meer mogelijk per e-mail u te informeren over het vervolg van onze reis. Inmiddels gezond en wel weer thuis kan ik het nu afronden.

Bij de Fam. Hanuseac hebben we zo'n 16 families bezocht, deels in het uiterste noordoosten, tegen de grens van Moldavië aan, deels in het noorden, tegen de grens van de Oekraïne aan. Nog altijd komen we veel armoede tegen, dit jaar ook vele zieke mensen die onvoldoende of geen medische bijstand ontvangen. Verder zijn vele arme gezinnen slecht behuisd, wonen soms met 10 mensen in een ruimte ter grootte van 'onze keuken' en zag je soms in een kamer het dak vervaarlijk buigen, waarbij je vreesde voor de eerste de beste flinke regenbui.

We hadden het geluk dat de Fam. Hanuseac ons uitnodigde een daagje met hen naar de Oekraïne te gaan. Ze hadden zelf een pasje voor dit land en informeerden of wij met hen zonder visum de grens over mochten. Dat kon en zo waren we in de gelegenheid aan dit buiten de EU gelegen land een bezoek te brengen. Dat kostte natuurlijk tijd aan de grens (zo'n 2 uur) en onmiddellijk gingen mijn gedachten terug naar de tijd dat zulks ook gold voor Hongarije en Roemenie, waarbij je zeker met je goederen soms urenlang oponthoud had.

De Oekraïne maakte op ons een vieze indruk, maar dat kan deels ook gelegen hebben aan het mistige weer en de smeltende sneeuw die stad en land bepaald niet een fraaiere aanblik bieden. In Cernauti bezochten we de grote Bazar (van 48 hectare!) en daar kon ik de verleiding niet weerstaan een 'catula' oftewel een hoofddeksel te kopen... Samen met de verkoopster en haar man gingen we op de film. Een warme pet die ik alvast heb gekocht voordat een nieuwe ijstijd aan zal breken!

In de stad zagen we veel oude, afgebladderde gebouwen, die nodig gerestaureerd moeten worden, we reden grotendeels op kinderhoofdjes en er reden veel oude en vuile trolley-bussen. Omdat het die dag een feestdag was - ter gelegenheid van Johannnes de Doper-  bevonden zich vele gelovigen in en rond de plaatselijke grote orthodoxe kathedraal. Daar probeerden vele honderden mensen een jerrycan met water te bemachtigen dat de priesters instapten en dat voor de mensen kennelijk van een grote -bijgelovige- waarde was. Urenlang trotseerden ze de kou om dit 'heilige' water mee te nemen.

Verder kwamen we toevallig langs het standbeeld van de uit deze stad afkomstige dichter Paul Celan die een aangrijpend gedicht heeft geschreven over de Sjoah (de moord op de 6 milj. Joden, waarvan velen ook in de Oekraïne zijn vermoord!). Klik maar eens op Google zijn naam in en zoek dan naar het gedicht "Todesfuge": moeilijk, maar indrukwekkend!

Ook hebben we het station bekeken, de Russische trein die er aankwam en het brede spoor waarover de Russen rijden (i.t.t. het Europese spoor). Een mooie dag en een schitterende gelegenheid een kijkje te hebben genomen in een voormalige Sovjet-Republiek met een ook duister oorlogsverleden.

Zondagmorgen vroeg reisden we af uit Suceava en namen Carmen en wat spulletjes van haar mee in de bus om die op haar nieuwe kamer af te leveren. We kozen een andere weg, die beter van kwaliteit was en waren eerder dan verwacht in Cluj! Daar afscheid van Carmen en Ionela genomen en na wat soep gegeten te hebben dat ionela voor ons had klaargemaakt gingen we door naar onze tweede contactpersoon in Cornutel-Banat: Dhr. Tiuc (tjoek tjoek noemden we hem).

Daar kwamen we rond 18.00 uur aan en Rinus en ik waren er trots op dat wij dit dorpje zelfstandig hadden weten te vinden. Alleen in het dorp moesten we hem bellen voor de straat waarin hij woonde. Br. Tiuc woont op een boerderij met prachtig uitzicht op de heuvels van Transsylvanie. Door het dal loopt ook nog de trein die in het dorp stopt en een prachtig fluitgeluid laat horen. Hem te zien opdoemen uit de mist vormde een prachtig gezicht. Ook het station van Cornutel is ouderwets pittoresk. De kinderen nemen dan ook dagelijks de trein om van en naar school te gaan.

Met Br. Tiuc hebben we de volgende dag zo'n 10 gezinnen bezocht, waarvan de huiselijke en medische omstandigheden zo mogelijk nog beroerder waren dan elders. Niet te beschrijven wat een achterbuurten we gezien hebben, wat een stank we roken en wat een vervallen flats. En natuurlijk weer vele, vele kinderen. Teveel, want hoe moeten die in zulke omstandigheden groot worden. Br.Tiuc had de voedselpakketten al ingekocht, zodat we direct aan de slag konden. Bovendien deed hij de bezoeken snel, want een groot prater is hij niet en ook de tolken (z'n zoon en dochter) waren qua engelse taalbeheersing niet te vergelijken met Carmen.

's Middags waren we klaar en dat was maar goed ook, want het was echt niet meer om aan te zien. Rinus trok zich soms terug vanwege de ellende die hij zag en die temeer drukt omdat hij die nacht nauwelijks geslapen had. Het was die middag prachtig zonnig weer en een aangename temperatuur, zodat ik toen ik met de zoon van Tiuc op zoek was naar de prot. Kerk het gevoel had de eerste lentedag van 2008 te beleven (21 jan. 2008!). De avond volgde, waarbij Rinus zich al vroeg terugtrok in de bus om daar de nacht door te brengen. Dat stuitte op onbegrip bij de familie die meende aan hun gastvrijheid tekort te doen, wanneer dit daadwerkelijk zou gebeuren, dus trokken zij massaal uit naar de bus om hem er weer uit te slepen, maar waren toen bij Rinus aan het verkeerde adres, want hij deed de deuren van de bus op slot en trok de slaapzak, waarin hij lag over zijn hoofd om duidelijk te maken dat hij er beslist niet uit zou komen (ook later toen het diner werd opgediend bleef hij waar hij was uit angst weer een slapeloze nacht door te brengen luisterend naar de snorkende ademhaling van zijn gastheer of naar het voortdurend open en dichtslaan van de deur naar de buitenpot van de familie. Bovendien zat een zoon een halve nacht te leren met het licht aan dat precies op Rinus z'n gelaat had geschenen. Als we dan nog bedenken dat je in een kamer lag waar de temp. zo'n 30 gr. betrof en er geen raampje geopend was, is het alleszins te billijken dat Rinus elders een goed heenkomen zocht. Ik heb dat verder die avond duidelijk gemaakt en nog gezellig met de familie gesproken, we hebben nog gezongen en gebeden en aan het eind van alles heb ik broeder Tiuc hartelijk omarmd en bedankt voor de geweldige gastvrijheid die bij hem hebben genoten.

De volgende morgen vertrokken we na het ontbijt uitgezwaaid door de overige nog thuis aanwezige familieleden richting Timisoara, waar we een bezoek hebben gebracht aan mijn pleegkind dat wij als gezin al zes jaar een beetje onderhouden. Hij zou graag een fiets willen hebben, maar had daar geen geld voor. We begrepen de wenk en we overhandigden zijn moeder €50 om met hem een fiets te gaan kopen. Zij stopte echter het geld in haar eigen zak met de mededeling dat zij het zelf op dit moment hard nodig had. Jammer voor Christian, maar de volgende keer dat ik hem bezoek kan ik maar beter gewoon een fiets in de bus mikken, dan weet ik zeker dat hij er een krijgt!

Daarna verlieten wij Roemenie en zetten koers naar Istvan Thuroczy, mijn oude vriend uit Utrecht (die daar tussen 1976 en '78 via een stipendium had mogen studeren), die we in een dorpje onder Boedapest in zijn pastorie zouden ontmoeten. Rinus had misschien die middag wel willen doorrijden naar Melk, maar toen hij eenmaal bij Istvan binnenzat en een goede pint onder hand en daarna een echte Hollandse pot kreeg had hij het weer ouderwets naar de zin, zoals al m'n vorige rijders kunnen beamen. Een reis naar Roemenie kan niet zonder een bezoek aan Melk op de heenreis, maar ook niet zonder een visite aan Istvan en zijn vrouw op de terugreis. Daar gingen we na verzadigd en gelaafd te zijn vroeg naar bed, want we wilden om 4.45 gaan rijden om op tijd weer in Pernis te zijn. Dat is gelukt, we 'lagen erop', zoals dat heet en met gezwinde vaart vlogen we door een vollemaansnacht over de autobaan door Hongarije en Oostenrijk naar Duitsland, waar we vroeg in de morgen al aankwamen. Zonder files of slecht weer konden we flink opschieten, zodat we even over zevenen 's avonds onze geliefden in de armen konden sluiten en onze verhalen kwijt konden van alles wat we gezien, gehoord, geroken en ervaren hadden op deze Roemenie-reis. We hopen dat jullie via de website een beetje te hebben laten meeleven met onze trip.

We zijn dankbaar dat alles weer voorspoedig verlopen is en wisten ons gedragen door velen die voor ons tijdens de reis gebeden hebben. Zodra de film af is, horen jullie wanneer die wordt vertoond.

Ds.Lavooij, mede namens Rinus Kievit